Zoeken
Menu
Akoestisch onderzoek bij transformatie Tekst: Marion de Graaff, Tekstbureau ’t Kofschip. Beeld: SoundForceOne.

In veel gevallen vindt voorafgaand aan de bouw of renovatie van een pand akoestisch onderzoek plaats. Dat bepaalt mede welke maatregelen er nodig zijn om aan de grenswaarden van de wet geluidhinder te voldoen. Zeker bij het transformeren van een bestaand gebouw kan dat een hele uitdaging zijn. ‘Soms zijn er extreme maatregelen nodig.’

Erik Dolman is akoestisch adviseur. Zijn bedrijf SoundForceOne BV wordt voor allerlei projecten gevraagd. ‘Afhankelijk van de situatie en de plansoort wordt akoestisch onderzoek gedaan’, vertelt hij. Er is onlangs een mooi project opgeleverd waarvoor wij de berekeningen hebben verricht. Dat was de transformatie van een monumentaal pand in Heerde. Ooit gebouwd als mulo-school, en nu zitten er zes duurzame woningen in.

Rekenmodel

Voor de transformatie van de school was een bestemmingsplanwijziging nodig, daar hoort een ruimtelijke onderbouwing bij, waar een akoestisch onderzoek weer een onderdeel van is. In Heerde ging het vooral om wegverkeerslawaai. Dolman: ‘Voor alle in de directe omgeving liggende wegen hebben we berekeningen gedaan. Met behulp van een rekenmodel hebben we al die gegevens verwerkt en zo de gevelbelasting - het geluid op de gevel - bepaald. De grenswaarde op de gevel is volgens de wet is 48 dB. We kwamen hoger uit, dus er waren maatregelen nodig. Dit was natuurlijk een klein project, dus dan pas je in/aan het gebouw het nodige aan. Maar gaat het om een enorm flatcomplex, dan kan stil asfalt neerleggen of een geluidsscherm neerzetten ook een oplossing zijn. De situatie is overal weer anders en het is soms een hele puzzel om tot het beste resultaat te komen. Verscheidene gemeentes hebben de ambitie om zogenaamde saneringswoningen (bestaande woningen) terug te brengen naar 33 dB. Dat is nogal wat, want er zijn monumenten die nu op 70 dB zitten. Het is een hele uitdaging om zo’n verbetering voor elkaar te krijgen. Daar zijn extreme maatregelen nodig, zoals een dak van buitenaf isoleren of het realiseren van een dove gevel.’

Goed isoleren

In Heerde was dat niet nodig. Dolman: ‘We hebben geadviseerd om de gevel goed te isoleren. Maar omdat het een bestaand pand was, hadden we rekening te houden met het zogenaamde ‘rechtensverkregen niveau’. Dat wil zeggen: voldoen aan de regels die op het moment van de oorspronkelijk oplevering van het gebouw van kracht was, en dus ook voor de functie van die tijd. Maar waarschijnlijk is deze mulo niet gebouwd volgens een bouwbesluit, dus ga je uit van wat redelijk is. We gaan nu bij nieuwbouw uit van 33 dB voor woningen, voor een bestaand gebouw dat wordt getransformeerd/gerenoveerd wordt 38 dB aangehouden omdat dat ook gangbaar is voor de zogenaamde saneringswoningen.

Geluidslekken

Om tot een juist pakket van gevelmaatregelen te komen, is het nodig om heel veel informatie te verzamelen. Alles speelt mee: de grootte van de ruimtes, materiaalgebruik in een pand, de glasoppervlaktes, de glasdiktes, enzovoorts. ‘Zomaar alles dicht maken uit het oogpunt van geluid is natuurlijk ook niet goed’, stelt Dolman. ‘Er is ventilatie nodig. Dat is een tegenstelling; ik kom wel eens tegen dat er bepaalde ventilatieroosters in een gevel zijn gezet, die voor de luchtaanvoer perfect zijn, maar die feitelijk ook enorme geluidslekken zijn. Het is een kwestie van alles meewegen: de wensen, de eisen, de mogelijkheden, én de kosten. Soms zijn de maatregelen puur installatietechnisch van aard, maar er zijn soms ook bouwkundige ingrepen nodig om tot een goed resultaat te komen. En zo is ieder project een uitdaging. ’ 

Ook interessant